Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde

Een glossy voor wetenschapsgeschiedenis

NTvN 86-12

Het decembernummer is uit!

Quantummechanica voor leken

Klaas Schonenberg vertelt in het decembernummer over zijn cursus Quantummechnica voor leken. Foto's: Wikipedia - Transocean Berlin, Orren Jack Turner en Bain News Service.

Vorige Volgende

Artikel

Een glossy voor wetenschapsgeschiedenis

Gepubliceerd: 1 August 2020 13:00

Gewina, het Belgisch-Nederlands genootschap voor wetenschaps- en universiteitsgeschiedenis, lanceerde op 13 juni jongstleden een nieuw populairwetenschappelijk tijdschrift. Wonderkamer schrijft over de geschiedenis van wetenschap. Hoofdredacteur Ad Maas spreekt van een primeur.

Auteur: Esger Brunner.

“Het is een leuke, kleurrijke vorm van geschiedenis en we kunnen iets leren over de wereld zoals hij nu is,” antwoordt Ad Maas op de vraag waarom iedereen moet lezen over de historie van wetenschap. Maas is conservator van Rijksmuseum Boerhaave en hoofdredacteur en initiator van de kersverse glossy Wonderkamer. “Het is een primeur. Ik ken amper vergelijkbare voorbeelden, ook niet wereldwijd.”

Wonderkamer beschrijft de geschiedenis van de wetenschap in de breedste zin van het woord. De eerste editie van Wonderkamer is gelijk een dubbeldikke uitgave en stelt wetenschap en kolonialisme centraal, een onderwerp dat nu flink in de belangstelling staat met de wereldwijde Black Lives Matter-demonstraties. “Dat viel heel mooi op zijn plaats. We kregen ook een interview in de Volkskrant. Dat ging vooral over het maatschappelijke verhaal: hoe om te gaan met het koloniale verleden. Je ziet dat het wetenschapshistorische onderzoek daar echt nuances in aanbrengt en dat daarbinnen ook interessante discussies plaatsvinden.”

Maas: “Wetenschapsgeschiedenis is voor wetenschapshistorici de geschiedenis van het weten. Geneeskunde valt daaronder, techniekgeschiedenis, maar bijvoorbeeld ook de geschiedenis van de geesteswetenschappen. In dit nummer hebben we aan het einde ook aandacht voor de geschiedenis van de archeologie. Natuurkunde komt natuurlijk ook in dit tijdschrift voor – hoewel in dit koloniale nummer wat minder.” 

Natuurkunde
Voor liefhebbers van natuurkunde bevat de eerste editie een kort artikel dat beschrijft hoe natuurkundedocent A.G.F. Keukens een microscoop maakte voor dokter Frits Wolthuis. Saillant detail: beiden zaten gevangen in een Japans interneringskamp. De microscoop werd met her en der achterovergedrukte materialen in elkaar gezet en was nodig om vast te stellen of bacteriën of amoeben de welig tierende infectieziektes veroorzaakten.

Een ander artikel vertelt in drie losse verhalen over Nederlandse telescopen in de tropen. “Het is een overzicht van observatoria die Nederlanders hebben gebouwd in de koloniën”, vertelt Maas. “Dat zijn er drie geweest. Helemaal niet zo veel, maar als ze het deden, dan deden ze dat goed.” Het eerste deel speelt zich af in het Braziliaanse Recife en gaat over Johan Maurits van Nassau-Siegen die daar het paleis Vrijburg had laten bouwen, inclusief een goed uitgerust observatorium. Sterrenkundige Georg Markgraf had opdracht gekregen de sterrenhemel aan het zuidelijk halfrond in kaart te brengen voor navigatiedoeleinden.

“Het tweede is een opvallend verhaal van een predikant op Java. Die heette Johannes Mohr en was nogal rijk getrouwd.” Toen de waarnemingen van de Venuspassage – waarbij de planeet Venus vanuit de aarde gezien voor de zon langs gaat – in 1761 mislukten, zette de Duitse geestelijke een groot observatorium neer voor de eerstvolgende mogelijkheid acht jaar later. “Hij heeft toen die Venuspassage waargenomen en daarna is er nooit meer iets van hem vernomen.”

“Het derde observatorium is eigenlijk een speeltje van rijke planters geweest”, vertelt Maas over de sterrenwacht van Lembang, toentertijd het beste observatorium van Nederlands-Indië. Het werd gefinancierd door Karel Bosscha, een telg uit een rijke plantagefamilie en zoon van de invloedrijke fysicus Johannes Bosscha junior, beschermheer van Lorentz en Van der Waals en directeur van de Polytechnische school in Delft. De Bosscha-kamer in het instituut voor theoretische fysica in Leiden is naar hem genoemd en door zoon Karel gefinancierd. Na de koloniale tijd werd het observatorium onbruikbaar door lichtvervuiling van het nabijgelegen Bandung en het wordt nu omgebouwd tot volkssterrenwacht.

Bestellen
Wonderkamer is een bonte verzameling verhalen over ons wetenschappelijke verleden. Het is mooi vormgegeven, heeft levendig geschreven artikelen en beeldmateriaal om van te watertanden. Voor musea als Teylers, Naturalis en ook Boerhaave is het een ideale mogelijkheid om de voor het publiek gesloten depotdeuren toch op een kiertje te zetten. Leden van Gewina krijgen het tijdschrift thuisgestuurd, maar het is ook los te bestellen via gewinamagazine@gmail.com en zal ook te koop zijn in wetenschapsmusea. Het komt tweemaal per jaar uit.