Artikel
Stormachtige toename van kunstmatige intelligentie
Gepubliceerd: 23 January 2026 09:39
Weerinstituten en technologiebedrijven gebruiken steeds vaker kunstmatige intelligentie om het weer sneller en beter te voorspellen. De Europese Unie zet zelfs kunstmatige intelligentie in bij het ontwikkelen van een realistische digitale replica van de aarde. Maar soms verdwijnt door deze datagedreven aanpak het begrip van natuurkundige processen naar de achtergrond.
Auteur: Gerbrand Koren
Kunstmatige intelligentie is niet meer weg te denken uit onze maatschappij; inmiddels wordt het ingezet in allerlei applicaties die we gebruiken. Minder zichtbaar in het dagelijks leven is dat kunstmatige intelligentie ook de wereld van de weersvoorspellingen flink op de kop heeft gezet. Op verschillende manieren kan kunstmatige intelligentie gebruikt worden om weersvoorspellingen te verbeteren, en meerdere grote technologiebedrijven zijn nu actief op dit gebied. Hun nieuwe modellen doen vaak veel sneller voorspellingen dan traditionele modellen, met vergelijkbare nauwkeurigheid. De Europese Unie zet ook in op het gebruik van kunstmatige intelligentie voor de ontwikkeling van een interactief model dat betrouwbare weer- en klimaatdata beschikbaar moet maken.
45.000 keer sneller
Jarenlang zijn weersvoorspellingen gemaakt met modellen die de atmosfeer beschrijven op basis van begrip van de onderliggende natuurkundige processen. Door toenemende rekenkracht van computers kunnen deze modellen op een steeds hogere resolutie worden gebruikt. Ook geven satellietmetingen steeds betere initiële condities voor deze modellen. Onder meteorologen wordt deze gestage verbetering van weersvoorspellingen vaak aangeduid als de ‘stille revolutie’. Op de middellange termijn (tot vijftien dagen vooruit) ziet de wetenschappelijke gemeenschap, ook buiten Europa, het Integrated Forecasting System (IFS) als het meest betrouwbaar. Dit model is ontwikkeld en wordt gebruikt door het Europese weerinstituut ECMWF, waar ook Nederland en België bij aangesloten zijn.
Lees het volledige artikel in het februarinummer of klik hier.
